maandag 24 februari 2020

Tev Aviv

Ik doe mijn eerste indrukken van Israel op tijdens een bezoek aan de bruisende Carmel markt in Tel Aviv. Shabbat Shalom!

Parken rondom Te Aviv

Vandaag bezoek ik parken in de buurt van Tel Aviv. Ook daar investeert het JNF heel veel in de groenvoorziening, vooral om de grote stedelijke gebieden heen. In Lod bijvoorbeeld. Dat is een stadje niet ver van het Ben-Gurion vliegveld, waar Arabische en Joodse bevolking samen wonen. Ontwikkeling van dit gebied is juist nodig om ervoor te zorgen dat deze verschillende bevolkingsgroepen elkaar kunnen ontmoeten. Speeltuinen en parken fleuren dit vrij armoedige stadje nog enigszins op.

Ariel Sharon Park

Daarna bezoek ik het Ariel Sharon Park: een stadspark, gebouwd op een stortplaats, wat in eerste instantie een probleem was voor de omgeving, omdat er methaan vrijkwam. Vanaf het park heb je bij helder weer uitzicht over een gebied van Tel Aviv tot aan Jerusalem. Het park is volledig uit gerecycled materiaal opgericht. De ingang van dit park is niet heel makkelijk te vinden, want het is gelegen achter een soort industrie gebied. Kinderen worden hier onderwezen over recycling in het park, maar ik zag ook talloze mooie planten. Het park is nog in ontwikkeling. Aan de kant van Tel Aviv, onderaan de stortplaats, is een heel groot stuk land dat langs een watertje loopt. Het doel is om van dit park 1 groene zone te maken naar de armere buitenwijken van Tel Aviv. Het gedeelte van het park wat al af is ziet er mooi en goed onderhouden uit. KKL (JNF in Israel) ontwikkelt dit gebied samen met de gemeente Tel Aviv.

Rosh Tzippor Birdwatching Center

Ik bezoek ook het Rosh Tzippor Birdwatching Center. Een klein vogelpark, volledig gedoneerd door JNF Australie. Ook dit was vroeger een stortplaats. Het staat aan de rand van een groter JNF park, het veel bekendere HaYarkon Park, bij de Yarkon rivier, die door Tel Aviv loopt.

HaYarkon Park


foto: wiwibloggs.com

Het HaYarkon Park ligt naast het bovengenoemde birdwatching center. Het park is flink gerenoveerd na de traumatische gebeurtenis tijdens de Joodse Olympic Games (Maccabi Spelen). Er vielen toen doden en gewonden toen ze in sterk vervuild water terecht kwamen vanwege de ineenstorting van een brug. Dit water is nu geheel gezuiverd. Ook dit is een groot park met fietspaden, speeltuinen, een dierentuin, sportvelden, wandelpaden en nog veel meer.

Biofilter system pilot in Kfar-Sava

In een nieuw ontwikkelde groene urban zone, ongeveer 30 km ten noorden van Tel Aviv, is in de jaren 50 deze stad ontwikkeld om de vooral jongere families te kunnen huisvesten, waar scholen, speeltuinen en huizen allemaal samen gebouwd worden. Om het water probleem wat door nieuwbouw ontstaat op oorspronkelijke landbouwgrond te kunnen opvangen is dit biofilter gemaakt. De huizen zijn iets hoger gebouwd en daardoor stroomt regenwater naar deze plek toe, waar het langzaam in de grond kan zakken. In de zomer staat het droog en wordt het systeem gebruikt om vervuild grondwater te reinigen. Dat gereinigde water kan weer gebruikt worden om parken te irrigeren. Een relatief makkelijke en niet te dure oplossing, maar het moet wel in de bouwfase worden meegenomen om het goedkoop te kunnen houden. Dit biofilter is gedoneerd door JNF Australie.

Botanical Gardens & Ilanot Forest

De botanicasche tuinen liggen op de route van Haifa naar Tel Aviv, dus dat is makkelijk punt om even te stoppen voor picknick of lunch. Hier zijn allerlei soorten bomen en planten geplant door elkaar heen, ook als een test case hoe ze het doen in dit gebied en om te testen of ze dan in bv de Negev of de Arava ook geplant kunnen worden. De Botanische tuinen zijn  rolstoelvriendelijk. Het grotere Ilanot Forest is dat niet, maar dat is wel weer meer een bos. Sinds een aantal jaren staat er ook een bezoekerscentrum, gedoneerd door JNF Denemarken. Het is ook een educatiecentrum en het wordt veel bezocht door scholen. In het bezoekerscentrum komen rond de 1000 bezoekers per maand, waar een kleine vergoeding voor wordt gevraagd.

Mishmar HaSharon Reservoir

Dit waterreservoir bij het Alexander River Park is gedoneerd door JNF Canada. Dit is een water opvangplek van gezuiverd water dat uit de Alexander rivier komt. Bij overstromingen bijvoorbeeld wordt het water doorgepompt naar andere reservoirs. Het reservoir bevat ongeveer 1 miljoen kubieke water en trekt ook veel vogels (vooral pelikanen) aan vanwege de vele vissen die erin zitten.

Het zuiden van Israel kleurt rood

Elisha is een oudgediende bij KKL (JNF in Israel) met enorm veel kennis over JNF projecten. In verband met raketaanvallen vanuit de Gazastrook reizen we 2 dagen later dan gepland vanaf Jeruzalem zuidelijk naar Nitsanim. Dat is een tijdelijke nederzetting, gelegen vlakbij de kust ten noorden van de Gazastrook. Het is in 2005 opgericht voor mensen die in 2005 de Gazastrook moesten verlaten toen Israel zich terugtrok uit de Gazastrook. Het is nu vooral een verlaten plek, met nog enkele families die er wonen. Het plan was om van Nitzanim een tijdelijke nederzetting te maken voor een paar jaar en dat het daarna industriegebied zou worden. Dat is nog steeds niet gebeurd omdat er nog families wonen.

Behalve Nitsanim zijn in de buurt nog een aantal dorpjes, die er veel beter uitzien, met parkjes en veel groen. Het valt me op dat er hier veel gedoneerd is door JNF USA.  Zij zijn heel actief in dit gebied en bouwen bijvoorbeeld synagogen en andere gebouwen. Zij zijn vaak als eerste betrokken bij de ontwikkeling van een gebied.

We rijden door naar Netiv Ha’asara, ook een dorpje gelegen ten noorden van Gaza, opgericht in de jaren 80. De ontwikkeling van dit dorpje is in z’n geheel gedaan door KKL-JNF: de (beveiligde) wegen, de huizen, de omheining, waterzuiveringsinstallatie, scholen, land ontwikkeld voor landbouw. De grond is hier erg vruchtbaar dus er kan van alles verbouwd worden. Nu zijn dat vooral zaden en bloemen. Er wonen ongeveer 200 families. Ik spreek een aantal mensen die vertellen dat ze fijn wonen hier: het land is vruchtbaar, fijn klimaat, vlakbij de zee, en de saamhorigheid in dit gebied is wat voor hen heel belangrijk is.

Wat opmerkelijk is is dat je hier een aantal Resilience (veerkracht) centra hebt. Dit zijn instituten die mensen leert om te gaan met trauma’s. Dit is nl. een bevolkt gebied dat soms onophoudend te maken heeft met de dreiging en raketaanvallen vanuit de Gazastrook. Psychologische hulp wordt hier gratis aangeboden. Goed dat dat er is want iedereen die hier woont heeft dat vroeg of laat nodig.

Werk vinden mensen veelal buiten deze nederzetting, in Tel Aviv of Jeruzalem. De mensen reizen op en neer, mits ze zelfstandige zijn.

Wat nodig is hier is om te investeren in onderwijs en in ecologische gebieden voor toerisme. Toeristen komen hiernaartoe uit interesse en vinden het boeiend, en zijn veelal verbaasd door de prachtige omgeving. Er zijn zandduinen, kleine bossen, en het is heel dicht bij de zee. Dit zou ook weer de werkgelegenheid kunnen stimuleren, al blijft het een gebied dat geteisterd wordt door dreiging vanuit de Gazastrook.

We reizen door naar het stadje Sderot, ook een nederzetting in de westelijke Negev. Er is hier veel geïnvesteerd door KKL. JNF Engeland doneerde de beplanting van een rotonde, JNF Duitsland een plein, JNF USA een speeltuin en nu ook nieuwe villa’s. En natuurlijk parken. In Sderot wonen ook veel arme migranten. In het oudere gedeelte van Sderot zie ik veel oude communistisch-achtige gebouwen om mensen te huisvesten, maar er is weinig werkgelegenheid hier.

Soms worden projecten zoals speeltuinen gedoneerd, maar na een aantal jaar zijn die verwaarloosd. Hoe zorgen we dat het JNF investeert in de juiste projecten en dat de projecten goed worden uitgevoerd en onderhouden?

In het nieuwe gedeelte van de stad worden mooie villa’s gebouwd en ook mooie huizen en pleintjes, maar hier komen dan voornamelijk mensen uit regio Tel Aviv naar toe om te wonen omdat het hier goedkoper is en er is veel ruimte. Ik vraag me af: wat heeft de oudere migrantenstroom nodig? Hoe zorg je voor werkgelegenheid?

Je kunt in dit soort migranten omgevingen investeren door je te richten op sociale projecten, zoals goede scholen, of studiebeurzen aan jongeren, onderwijs voor kansarme kinderen, maar ook centra voor psychologische hulp en ontwikkeling, speciaal voor deze regio.

Wat prachtig is deze tijd van het jaar is het Adom Darom Festival (adom betekent rood, darom betekent zuid). De rode anemonen zorgen voor prachtige rode tapijten midden in de woestijn!  Door open ruimtes tussen bomen te laten, schapen en geiten het gras weg te laten eten en de zaadjes te verspreiden komen er ieder jaar meer rode anemonen. Dit trekt veel binnenlands toerisme aan, en de aanleg van wegen, fietspaden, picknick tafels en dergelijke stimuleert het toerisme, zodat deze omgeving ook buiten het seizoen aantrekkelijk is voor mensen uit Jeruzalem bijvoorbeeld, want dat is best dichtbij.

Deze omgeving staat ook goed bekend als een goed mountainbike gebied. Er is hier door KKL-JNF veel geïnvesteerd in het aanleggen en onderhouden van de mountainbike paden, en het er zijn goede fietsverhuur gelegenheden.

Een boom planten in Israel / bezoek Anne Frank Park

Opnieuw is het een indrukwekkende dag. Vandaag plantte ik een stekje in het Tzora bos, ongeveer 30 minuten rijden vanaf Jeruzalem. Daarmee werd ik onderdeel van het bijzondere proces dat het JNF al sinds 1901 in gang zette. Het land was toen nog volkomen kaal en uitgeput. Dankzij de vooruitziende blik van het JNF onderging het land een metamorfose.

Het Tzora bos is, naast het Tozmet Golani centrum in het noorden van het land, een van de twee boomplantcentra van het JNF. Ik kon kiezen uit verschillende soorten stekjes. Ik koos voor de amandelboom, omdat ik de bloesem zo mooi vind. Het is fijn te weten dat ik zo bijdraag aan het beter maken van de leefomgeving. Ik kan niet wachten om te zien hoe mijn boom er over een paar jaar bijstaat. Het certificaat dat ik ontving als bewijs dat ik een stekje heb geplant, krijgt een mooie plek in mijn huis.

In deze omgeving wordt bijna niet meer actief geplant door het JNF, maar dat wil niet zeggen dat hun werk erop zit. Het onderhouden van bossen en parken is nu de belangrijkste taak. Dit is een gebied waar in de zomer door de enorme droogte veel branden zijn. Het JNF werkt aan de bescherming van het gebied en zijn inwoners, en helpt bij het herstellen van de bossen na een brand.

Vandaag bracht ik ook een bezoek aan een ander bijzonder park, het Anne Frank Memorial park waar 6 miljoen bomen zijn geplant ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.  Annes vader plantte daar de eerste boom. In mei 2011 realiseerde het JNF hier een monument voor Anne die Israel nooit heeft gezien. Zo blijft, ook in Israel, de herinnering aan haar behouden voor toekomstige generaties.

De Nederlandse kunstenaar Piet Cohen heeft het monument ontworpen. Het is een ruimte die is opgetrokken uit roestig staal. Vanuit deze ruimte kijk je tegen een massieve wand met daarin een gestileerde kastanjeboom. De boom heeft gaten waardoor je als het ware de vrijheid inkijkt.

De Arava woestijn

Vandaag maak ik kennis met de pioniers in het zuiden van het land, in de Arava. Ondanks het extreme weer en de barre omstandigheden van de woestijn wonen hier een kleine duizend families in zeven dorpen: Idan, Hatzeva, Ein Yahav, Sapir, Tsofar, Zuqim en Paran.

Hoe zij dat doen, hoor en lees ik In het Vidor centrum, naast Hatseva. Wat zijn het voor type mensen die hier wonen in een bijna niemandsland. Waar leven ze van? Hoe ziet hun dagelijks leven eruit? Wat groeit er in de kassen? Hoe komen ze aan water en wat beweegt hen om hier een leven op te bouwen. Ik leer ontzettend veel.

Mirit Hillman en Noa Zer werken voor de regionale gemeente in de Arava. Met heel veel plezier en kennis leiden ze me rond en vertellen me veel over dit gebied. Ze vertellen dat vooral voor de boeren  het een moeilijk en uitdagend bestaan is. Waar mogelijk worden zij ondersteund door het Yair Research Centrum, beter bekend als het R&D-centrum (Research and Development). Daar wordt onderzocht hoe landbouwproducties in de woestijn kunnen worden verbeterd. Duurzaamheid, kwaliteit, kostenbesparing, bevordering van diversiteit en milieuvriendelijkheid staan daarbij voorop. Met onder andere de hulp van het JNF doen ze veel onderzoek naar het telen van verschillende producten. Zoals groenten, maar ook bloemen en planten. De onderzoeken zijn er om de boeren meer zekerheid te geven. Wereldwijd is er in de landbouw veel veranderd, er is veel concurrentie die ook invloed heeft op de Israelische markt. De boeren dachten heel lang dat het goed was om te focussen op één product, bijvoorbeeld de paprika. Dat was te overzien, ook voor kleinere boerderijen. Maar het wordt steeds belangrijker om diversiteit te verkrijgen en het risico te spreiden.

Extra bijzonder is het onderzoek naar helende stoffen uit planten die van oorsprong in de Arava groeien, tegen ziektes zoals ALS, Parkinson en kanker.

Ik begrijp goed dat de Arava jonge gezinnen wil aantrekken om de huidige bevolking uit te breiden. Dat is nodig voor het behoud van de gemeenschap en om de gevolgen van de vergrijzing tegen te gaan. Voor een aantrekkelijk bestaan zijn goede leefomstandigheden noodzakelijk, anders komt er niemand wonen. Maar, meer mensen betekent ook meer waterconsumptie en meer waterverontreiniging. Goed om te weten en noodzakelijk dat het JNF bijspringt om de waterinfrastructuur te verbreden. Het eerste dorp dat aan de beurt is in Ein Yahav, waar 114 nieuwe gezinnen worden verwacht. JNF Nederland heeft hier gezorgd voor een uitbreiding van het waterreservoir. Het is indrukwekkend om te zien.

Er zijn nu 5 agrarische dorpen. Er zijn 63 plekken in de Arava waar water uit de grond wordt gehaald, 1,5 km diep, waarvan er 17 in Jordanie staan. Het is een hele hechte familiegemeenschap, geweldig voor kinderen maar voor ouderen ontbreken nog goede voorzieningen.

AICAT

Tenslotte bezoek ik het Arava International Center for Agriculture Training (AICAT), een succesvol landbouw-leerinstituut opgericht met behulp van het JNF, een aantal ministeries en andere organisaties. De studenten komen voornamelijk uit Azië en uit Afrikaanse landen. Ze wonen en werken bij de boeren om praktijkervaring op te doen en volgen daarnaast lessen in het centrum waar ze les krijgen over alle facetten van de landbouw. Het centrum werkt samen met het R&D en het brengt werkgelegenheid (in de vorm van mensen die lesgeven aan het instituut). De studenten betalen zelf het collegegeld van het geld dat zij verdienen bij de boeren bij wie ze ook wonen. Ze houden meestal nog iets over als startkapitaal voor thuis. Het meest waardevol is natuurlijk alle kennis die ze mee naar huis nemen. Daarnaast worden ze dankzij hun positieve ervaringen enthousiaste ambassadeurs voor Israel. Voor alle betrokken partijen is het een win-winsituatie. Het was een bijzondere ervaring om een paar uur college te geven aan een groep studenten. Ik sprak vooral over ondernemerschap in Nederland. Ook maakten we een businessplan, een leerzame en interactieve sessie.

Onderzoek en werkgelegenheid in de Arava

Vandaag breng ik bijna de hele dag door in Paran, een van de zeven gemeenschappen in de Arava. Het JNF ondersteunt dit dorp financieel sinds de jaren negentig.

Een van de JNF projecten is de modelboerderij in Paran. DIe is voor de groeiende gemeenschap van de Arava van levensbelang.  Paran is gekozen, omdat het van de zeven dorpen het meest zuidelijk ligt. De klimatologische omstandigheden hier zijn nog extremer dan in de rest van de Arava. IJskoude winters, waarbij de temperatuur ’s nachts tot onder het nulpunt kan dalen en hete zomers met amper een druppel regen. Wat hier groeit, kan overal in de Arava groeien.

Op de modelboerderij wordt onderzocht welke soorten gewassen het best gedijen in de woestijn en welke teeltmethoden het beste resultaat geven. Belangrijke onderdelen van het onderzoek zijn: vaststellen hoe (brak) water zo effectief mogelijk gebruikt kan worden en de levensvatbaarheid testen van nieuwe gewassen op zilte grond. Om het onderzoek succesvol te laten verlopen, zijn onder andere tweehonderd ‘proef’ fruitbomen geplant.

Het resultaat van dit onderzoek zal leiden tot diversiteit van de landbouw in de woestijn en daarmee tot een grotere bestaanszekerheid voor de bevolking in de Arava. Zo wordt er bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar hoe de boeren druiven, abrikozen, perziken, mango’s en pruimen kunnen telen in deze barre omstandigheden. Hierdoor kunnen de boeren niet alleen inspelen op de internationale markt, maar zichzelf ook minder kwetsbaar maken.

De onderzoekers zetten ze in op producten die lang houdbaar blijven, van zeer goede kwaliteit zijn en tegen zo laag mogelijke kosten geteeld kunnen worden. Maar het telen van sommige producten is enorm arbeidsintensief. Ook is het lastig en duur om mensen te krijgen in de zomer, vanwege de grote hitte. Andere problemen zijn de hoge transportkosten en de concurrentie uit Turkije en Marokko.

Werkgelegenheid

Werkgelegenheid is een van de pijlers van de Arava, want anders komen hier geen mensen naar toe.

Noa Zer vertelt me dat ze plannen hebben voor het verder ontwikkelen van toerisme. Meer mensen betekent meer diensten en dus meer werk. Met de nieuwe plannen voor een zorgcentrum, een centrum voor ouderen en een gebouw voor flexwerkers is er ineens wel aanbod van mensen die hier (deeltijd) willen werken.

De wijngaarden gaan goed, maar zijn financieel nog niet rendabel. Daarom zijn ze nu bezig met experimenten om deze teelt minder arbeidsintensief te maken. Een van de methodes die ze momenteel onderzoeken op haalbaarheid, is het spuiten met een spray, waardoor de druiven vallen als je erlangs loopt. Dan hoeven ze niet geplukt te worden. Ingenieus toch?

Ter afsluiting van de dag bezoek ik Zuqiem, dat iets noordelijker ligt. Het is een gemeenschap vol creatieve mensen met een gevarieerd aanbod aan bijzondere plekken om te verblijven. Ook wordt hier het jaarlijkse filmfestival gehouden. In oude gebouwen van het leger, die nu gerenoveerd worden, hebben kunstenaars hun studio’s waar ze hun zelfgemaakte ceramiek, beeldhouwwerken en nog veel meer verkopen en tentoonstellen. Een perfecte plek om op te laden en inspiratie op te doen.

Acacia’s in de Arava

Ik ben nog steeds in de Arava en, heel uitzonderlijk voor dit gedeelte van het land, de ochtend begon met een enorme regenbui. Daarna heb ik het acaciaproject in Hatzeva bezocht, dat in 2008 is gestart door het JNF. Door de bouw van de dorpen en aanleg van landbouw zijn in de beginjaren nogal wat bomen gesneuveld. Inmiddels is de acacia, in de hele Arava zijn er zo’n vierduizend, een beschermde boomsoort. Ze zijn ook belangrijk en dragen het hele ecologische systeem in de woestijn. Ze zorgen voor voedsel voor vogels, insecten en reptielen. Ze beschermen tegen de felle zon en geven schaduw aan mens en dier.

De driehonderd bomen in Hatzeva worden verzorgd en gesnoeid door het een aantal bewoners van de Arava. Het is de bedoeling ze zoveel mogelijk in de natuurlijke leefomgeving te laten groeien, dus er wordt minimaal water gegeven. Maar na zo’n regenbui als vanmorgen krijgen de jonge boompjes wel schoon water. Dat is belangrijk omdat het regenwater in combinatie met het grondwater te zout voor ze is.

Het plan is om nu een tweede fase in te gaan. Daarin wordt bekeken wat ze met de zaadjes van de acaciaboom kunnen doen en hoe het voortbestaan van deze boomsoort nog beter kan worden bewaakt. Ook wordt onderzocht of en hoe bewoners van de Arava eventueel een acacia in hun tuin kunnen laten groeien. Het acaciaproject wordt bovendien gebruikt om scholieren en toeristen iets te leren over deze bijzondere woestijnboom.

Het is bijzonder om te zien hoe de bewoners van de Arava bewust en gepassioneerd omgaan met die sterke woestijnboom die al zo lang onderdeel uitmaakt van de woestijn.

Opgravingen in de Negev woestijn

Vandaag verken ik Ramat Hanegev in het westelijke deel van de Negev woestijn.  Een prachtig gebied om door heen te rijden. Hier wonen zo’n achtduizend mensen verdeeld over vijftien gemeenschappen. Het gebied beslaat 22 procent van Israel. In het land zie je hier en daar grote bedoeïendorpen. Ongeveer 70 procent van de regio bestaat uit militair terrein. Natuurreservaten en nationale parken beslaan ongeveer 45 procent van de regio. Natuurreservaten en militair terrein overlappen elkaar soms. Agrarische gebieden beslaan ongeveer 3 procent van de regio.

In vergelijking met de Arava is dit gebied toegankelijker, met een iets milder klimaat. Ook is het minder geïsoleerd dan de Arava. Hier wordt, onder andere door het JNF, veel geïnvesteerd in ecotoerisme, landbouw en onderzoek.

Ik maak een stop bij de indrukwekkende stad Shivta, 43 kilometer ten zuidwesten van Beër Sjeva. Shivta werd in 2005 uitgeroepen tot een Unesco Heritage Side, vanwege de bijzondere opgravingen die hier zijn te bezichtigen uit de Byzantijnse tijd. Die wil ik natuurlijk met eigen ogen zien. Verschillende ministeries werken samen om er een toeristische attractie van te maken.

Kadesh Barnea

Tenslotte breng ik een bezoek aan Kadesh Barnea, ook een JNF-project. Een aantal jonge idealistische families vestigden zich hier jaren geleden. Het JNF financierde de pijpleiding die aansluiting geeft op het noordelijk gelegen nationale watersysteem, zodat via een zuiveringsinstallatie water kan worden verkregen voor huishoudelijk gebruik en brak water voor besproeiing. Al gauw bleek dat de levering van water voor besproeiing niet toereikend was. Daarom ging het JNF, net als in andere delen van de Negev, over tot de aanleg van een computergestuurd druppelirrigatiesysteem. Vervolgens is een viskwekerij aangelegd, wat zorgt voor werkgelegenheid en nieuwe inkomsten.

Biogas project: van afval naar electra

Kadesh Barnea ondervindt veel overlast van het agrarisch afval van landbouw uit de omgeving. Dit zal alleen maar meer worden, omdat er steeds meer mensen in de woestijn komen wonen.  Ik krijg uitleg over een hopelijke oplossing.  In Duitsland is een ingenieus apparaat ontwikkeld dat landbouwafval verhit tot stoom en vervolgens omzet naar groene elektriciteit. Het is de bedoeling dat dit apparaat in Kadesh Barnea als pilot wordt neergezet. Een deel van de op deze manier opgewekte elektriciteit wordt dan teruggegeven aan het Israelische energienetwerk, een ander deel gaat naar de boeren voor verwarming. Als de pilot een succes wordt, kan het apparaat ook op andere plaatsen in Israel worden ingezet.

Het was een dag waar oude historie en nieuwe kennis samenkwamen, het verhaal van Israel.

Mijn laatste dag in de Negev

Mijn laatste reisdag breng ik door in de Negev woestijn. Vanwege alle ontwikkelingen rondom het coronavirus, ga ik eerder naar huis dan gepland. In Israel zijn de maatregelen nog strenger dan momenteel in Nederland: iedereen die nu het land inkomt, moet verplicht twee weken in quarantaine. In complete afzondering. Ik zet mijn zorgen opzij en geniet nog één dag van dit prachtige land.

Het grootste gedeelte van het jaar is het zomer in de Negev woestijn, met veel minder hogere temperaturen dan in de Arava. Toch is het een uitdaging om in dit stuk van Israel succesvol boer te zijn, vanwege het gebrek aan een goede kwaliteit water en aarde. Hier vind je vrijwel alleen stoffig zand.

Aardbeien uit de woestijn

Om de boeren te helpen, doet het Ramat Negev AgroResearch Center, in samenwerking met het JNF, onderzoek naar welke gewassen hier het beste groeien en naar nieuwe methoden voor een nog betere oogst. De resultaten mogen er wezen. In het onderzoekcentrum werken ze aan een optimale situatie waarbij de aardbei uit Israel het kan opnemen tegen die uit concurrerende landen. Zo proberen de onderzoekers ze bijvoorbeeld langer houdbaar te maken. Het oogsten van aardbeien is arbeidsintensief. Ook daar bedachten de onderzoekers iets op. Door de aardbeien op ooghoogte te hangen, hoeven de plukkers niet te bukken, dat maakt het arbeidsproces minder zwaar. De rode vruchten zijn heerlijk zoet, ik kon er niet van afblijven.

Het onderzoek wordt voor de helft door de overheid en voor de helft door het JNF gefinancierd.

Ook cherrytomaten groeien goed in dit gebied. Nooit geweten dat die een Israelische uitvinding zijn! 90% van de cherrytomaten zijn voor lokaal gebruik. Ook doen champignons het hier goed.

Geen gebrek aan water hier

Aan water is in dit gedeelte van de Negev geen gebrek. Op 750 meter diepte ligt een enorm gebied met brak water, dat is wel erg zout. Voor de olijfbomen die van nature goed gedijen in dit gebied, is dit water geen enkel probleem, maar dadelbomen gedijen beter op een combinatie van brak en ontzilt water. De aardbeien spannen de kroon en krijgen alleen ontzilt water. Daarom groeien er in de Arava zoveel palmbomen, de combinatie ontzilt en brak water is daar uitermate geschikt voor.

Ik kijk niet alleen terug op een indrukwekkende dag, waarop ik veel leerde over de innovativiteit van de Israelische landbouw. Ik ga ook naar huis vol ontzag over het mooie werk van het JNF en vol nieuwe ideeën voor nieuwe projecten. Maar daarover volgt later meer…

Privacyverklaring